Categorie archief: Training

Kalymnos rustdag: na zonneschijn komt regen

Na vier zonnige klimdagen op Kalymnos volgt een on-Grieks regenfront ons tot aan de rots. Tijd voor een rustdag, of twee!

Gammel

Persoonlijk heb ik het niet zo op rustdagen. Zonde van de kostbare tijd die je als fanatiek klimmer hebt. Een beetje hangen, boekje lezen, wandelingetje maken staan voor mij gelijk aan de grote Verveling. Toch heeft je lichaam dit nodig. Na een aantal dagen omhoog te zijn gestiefeld voelen mijn benen al redelijk gammel. En mijn schouders schreeuwen om een massage (jammer, die krijg ik niet (;) ). Ook merk ik dat na een aantal dagen mentaal, qua lef en motivatie, de scherpte eraf gaat.

WIFI en sponzen

En wat doe je op zo’n rustdag op Kalymnos? Juist ja: een beetje hangen, wandelen en lezen. En praise the lord voor de drie-streepjes-WIFI van ons hotel! Netflix snackt extra lekker weg als je moe bent. Richard houdt dit dagen, zo niet weken, vol. Maar na een paar uur word ik onrustig en trek ik er met mijn camera op uit. Al wandelend door Myrties ontdek ik weer toffe nieuwe plekjes, zoals het piepkleine kleurige haventje waar de lokale vissers aanmeren. Veel sponzen, waar Kalymnos wereldberoemd is, halen ze niet meer binnen. Later stuiten we op de Babis Bar in Myrties waar de meeste, vooral Amerikaanse, klimmers zich schuil houden. Ik bestel een kopje koffie maar het meubilair plakt zo dat ik mijn armen niet durf neer te leggen op de stoelleuning. Hoop voor de arme klimmertjes die hier verblijven dat hun appartement boven de bar schoner is…

Even zitten

Na twee dagen regen en rust breekt de zon weer door. Ik maak Richard he-le-maal gek door de wekker extra vroeg te zetten. Om vervolgens stuiterend op koffie en Griekse yoghurt naar sector Panorama te rennen. Richard warmt op in Aeolia (6c+), later wil hij gaan voor de extensie (7a+). Ik besluit Aeolia, die ik een aantal dagen hiervoor tot project heb gedoopt, nog een keer goed uit te werken. En dan later op de dag te gaan voor de ultieme poging. De start van de route, die vrij subtiel is, gaat soepel. De aanwijzingen van Richard helpen me gemakkelijk door de tricky traverse. Mijn vingers en spieren voelen warm aan dus ik besluit door te klimmen en maar te kijken waar het schip strandt. Na een meter 20 begint de route flink over te hangen en raken mijn armen verzuurd. Ik wil even zitten, denk ik nog. Op dat moment draai ik met mijn rug, per toeval, tegen de tufa aan en vind ik een no-hands rest. Dat geeft me voldoende tijd om uit te rusten. Hop! Getopt!

Rock stars

Richard klimt daarna heel steady zijn project. “Ziet er goed uit”, brul ik nog naar boven wanneer hij de moeilijkste passen klimt. Twee haken onder de eindketting blijkt de regen echter roet in het eten te hebben gegooid. De laatste meters van zijn route zijn spiegeltje glad. Balen. De rest van de dag vermaken we ons met een groepje Zwitsers die in felgekleurde latex leggings, dito haarband en hardrock T-shirts de sterren van de hemel klimmen.

 

 

Review: Boulderhal Bruut

September 2016 openden de deuren van een nieuwe boulderhal in Brabant: Bruut! Samen met boulder buddy Sven stonden we als een van de eersten voor de deur. Te Stuiteren. Wat maakt Bruut zo bruut?

Van miss Static naar miss Dynamic

Voor een typische routeklimmer als ik, die zo efficiënt mogelijk en relatief statisch klimt, was het even wennen in Bruut. Het vereist andere skills van je als klimmer: dynamiek! Ja, kracht heb je ook nodig. En inzicht. En een bak met techniek. Maar als Miss Static kom je in boulderland niet ver! Juist vloeiende bewegingen, met kracht erachter, en durven springen naar een volgende greep maken het verschil tussen een boulder wel of niet toppen. Het duurde even voordat dit muntje bij mij viel. Door deze zwakkere punten te ontwikkelen is het trainen diverser en toffer geworden. En ben ik iets meer ‘Miss Dynamic’ geworden.

Ook gepuzzel in de makkelijke boulders

De circuits in Bruut lopen van 2 tot 3 speciaal voor kinderen en beginners tot en met +/- 7c voor de echte diehards. Voor alle circuits geldt: je hebt creativiteit nodig. De gemakkelijke boulders zijn absoluut niet saai en bevatten ook typische ‘puzzelpassen’ en een enkele dyno. Wekelijks wordt een circuit vervangen door verse boulderproblemen wat het superafwisselend houdt.

Positieve vibe

In een eerder blog schreef ik over de meerwaarde van samen trainen voor het boeken van progressie. Waarom alleen je training afdraaien als het ook samen kan? In tegenstelling tot routeklimmen heb je bij boulderen geen zekermaatje nodig. Je klimt immers zonder touw en boven een dikke valmat. Maar: samen een probleem oplossen maakt het wél een stuk interessanter. Mijn groepje klimmaatjes loopt uiteen wat routeniveau betreft. Toch proberen we telkens samen het nieuwste circuit uit. En moedigen we elkaar aan vanaf de zijlijn. De sfeer in Bruut draagt hier positief aan bij en het lijkt erop dat de eigenaren hier ook – bewust? – een fijne rol in pakken. Goed voorbeeld doet goed volgen! Of je nu een 4 op de toppen van je kunnen doet of een 7a; mensen helpen je met aanwijzingen.  Ik kan niet beoordelen of dit specifiek is voor Bruut, maar ik zie het ook wel eens anders – bij het binnen- én buiten klimmen.

Trainingsruimte

Zijn er ook minpuntjes te vinden? Eigenlijk niet. Er wordt op dit moment hard gewerkt aan een trainingsruimte op de eerste etage, waar de gevorderde boulderaar specifiek zijn kracht kan trainen aan onder andere campusborden en een trainingswand. Als ook dit onderdeel af is, dan durf ik met enige zekerheid te zeggen: Bruut is hard op weg de tofste boulderhal van Nederland te worden. Oordeel zelf!

– Einde commercial break (;)

 

 

 

Klimtraining: hoe boek je progressie

Ik klim inmiddels een jaartje of 15 en dan zou je bijna gaan denken: het hoogtepunt is wel geweest. Toch merk ik juist de laatste jaren dat ik sterker word. Hoe komt dat? En beter nog: hoe kun je ook als geoefende klimmer, via klimtraining, net dat beetje progressie boeken?

Techniek is het halve werk

Klimsucces wordt voor een groot deel bepaald door een goede techniek. En die kan eigenlijk altijd verbeterd worden. De kleinste details kunnen het verschil maken. Zo merkte ik dat mijn voetenwerk niet precies genoeg was. Ik zette er te weinig druk op, durfde niet goed te staan, of zette mijn teen net een millimeter te ver op een greep. Dat kan het verschil maken tussen een project wel of niet uitklimmen. Die foutjes merk je als klimmer niet altijd zelf op. Vraag daarom aan je klimmaatje actief om feedback: wat valt je op als ik klim? Wat kan ik verbeteren in jouw ogen? Heb je de mogelijkheid, vraag iemand om jou in je route te filmen en analyseer samen wat er goed gaat en beter kan. Krijg je de kans om een training in je hal te volgen: doe het! Zo volgde ik in een grijs verleden de klimtraining van Wouter Jongeneelen, nu mede-eigenaar van Bruut, en jawel, die moeilijke routes bleken toch binnen mijn bereik.

Angst

Angst om te vallen, vrees voor blessures, onzekerheid: ga er actief mee aan de slag door stap voor stap je grens op te zoeken.  Laat daarbij het tempo van jezelf afhangen en laat je niet opjagen. Twee jaar geleden liep ik tijdens een bouldersessie een acute peesblessure op; een gedeeltelijke pully ruptuur aan mijn middelvinger. Pijnlijk en vooral erg schrikken (het ‘plopgeluid’ dat mijn vinger maakte, brrrrr). Los van de herstelperiode die nodig was om weer op mijn oude niveau te komen bleek het moeilijk om mijn angst los te laten. Wat als ik dat kleine greepje te hard belast, houdt mijn vinger dat wel? Wat als mijn voet van de tree afschuift? Om gek van te worden! Langzamerhand groeide het vertrouwen en kon ik mijn angst loslaten. Waarschijnlijk doordat ik zoveel tijd voor mijn herstel heb gepakt en de basis op orde heb gebracht – vooral qua uithouding en techniek – klim ik nu een niveau beter. Vet! Conclusie: is je hoofd niet op orde, dan houd je  jezelf onbewust tegen in je klimontwikkeling.

Doelgericht, niet per definitie een schema

Als je niet oplet, dan ‘draai’ je elke week het zelfde riedeltje af en blijf je stilstaan. Ik heb zelf geen behoefte aan een uitgetypt trainingsschema maar bepaal wel wekelijks op hoofdlijnen wat ik ga doen en welke doelen ik wil behalen. De ene week ligt de focus op uithouding en klim ik veel maar wel een volle graad onder mijn maximale niveau. De volgende week ligt de nadruk op kracht en sleur ik mezelf door lastige boulders heen. De week erna focus ik op het toppen van een specifiek project. Afwisseling zit voor mij ook in binnen versus buiten klimmen en verschillende klimhallen. En ja, mijn klimmaatjes gooien wel eens roet in het eten door mijn ‘waar-gaan-we-klimmen-schema’ om te gooien. Maar hé, dat houdt het interessant!

Samen trainen

Voor mij persoonlijk is het sociale aspect bij het klimmen van doorslaggevend belang voor mijn prestaties. Ik heb het geluk dat ik toffe mensen om me heen heb die een lekker potje kunnen klimmen. Ik ben in routeniveau uitgedrukt de zwakste schakel, maar ook dat zie ik als een voordeel: ik kan me namelijk aan hun niveau optrekken. Wat heeft dit met progressie te maken? Ik zie om mij heen nog wel eens zeer gefocuste klimmers die alleen trainen of geen oog hebben voor hun omgeving. Gemiste kans vind ik, omdat juist anderen vaak beter zien wat jouw ontwikkelpunten zijn. En omdat met gelijkgestemde klimmers vaak ook gezonde onderlinge competitie ontstaat. Hoe fijn is het als jij die ene route als eerste topt? Kijk eens om je heen in een klimhal. Ga er lekker voor zitten – net als ik elke week doe met een kopje koffie in Rotterdam (;)- hoe klimt iemand de route die jij net deed? Waar gaat hij of zij staan? Hoe is zijn balans? Dit kan je de inzichten bieden die je nodig hebt om progressie te boeken.

Klimtraining
Klimtraining in Rotterdam

Review: Bolder, nieuwe boulderhal Rotterdam

In 2014 openden de deuren van een gloednieuwe boulderhal: Bolder Neoliet in Rotterdam. Iets minder ver rijden dan Monk Eindhoven voor mij, dus meteen gecheckt!

Bestemming bereikt

De navigatie leidt ons tot voor de deur van Bolder Neoliet. “Hier moet het zijn”. Er is echter geen enkel teken van boulderactiviteit. Een mini-bewegwijzeringsbord geeft aan dat we toch echt op de plaats van bestemming zijn gearriveerd. Naast het levensgrote bord van de buren valt het kleine bordje van Neoliet niet op.

Coole vibe

Het pand waar de hal zich bevindt – een voormalig thee- en koffiepakhuis uit de vorige eeuw – heeft een coole, Rotterdamse vibe. Ik hou er wel van. Eerste indruk als ik binnenkom: gezellig. De bar ziet er uitnodigend uit. De koffie smaakt goed. Vanuit de loungehoek kun je de andere boulderaars in de gaten houden. De oktoberzon laat zich nog gelden; het is buiten zo’n 19 graden. Dat is binnen goed te voelen.

Nog niet helemaal af

De hal is net geopend en er zijn nog niet heel veel boulders gebouwd. Vermoedelijk is dit het op het moment dat ik dit schrijf al verbeterd. Ook is er nog geen campusbord of andere ‘extra’ trainingsmogelijkheid op het moment dat wij er zijn. De gradering van de boulders lijkt aan de harde kant, al kan dat ook aan het feit liggen dat alles voor mij nieuw en dus aftasten is.

Gevarieerd

Origineel aan de hal is dat sommige blokken aan meerdere kanten te beklimmen zijn: aan de zijkant en onderkant. Je klimt soms als het ware onder een boog door. De wanden zijn mooi gevarieerd; alle hellingshoeken zijn wel aanwezig. Favoriet van de dag is het lange overhangende dak naast de bar. Er zit een leuke zwarte – vermoedelijk 6a+ – met uitsluitend goede grepen. Van het type ‘klauterkabouter’. Het voelt eerder als een route dan een boulder door de aanzienlijke lengte. Ideaal voor een alternatieve ‘duurtraining’.

Ruw! 

De grepen zijn uiteraard gloedjenieuw en hierdoor nog intens ruw. Na zo’n anderhalf uur boulderen laat de huid op mijn handen me al in de steek.  Ik besluit e
r een eind aan te breien en zoek de douches op. Helaas. 
Die zijn nog niet af. Bepoft en bezweet rijden we naar huis. Ik wacht nog een paar maanden totdat de hal helemaal af is (en de temperatuur buiten lager).