Sector Elona in Leonidio

Leonidio, het kleine dorp met het grote klimmershart

In 2016 ontstaat er buzz rond een nieuw Grieks klimgebied: Leonidio. Het broertje van Kalymnos, zo wordt de verzameling van klimgebieden in de Griekse Peloponessos genoemd. Die vergelijking schept hoge verwachtingen. Te hoog?

Leonidio = alternatief voor winterdekbed

“Leonidio is een typische winterbestemming,” zo schrijven de meeste klimsites en -blogs. Mijn winterdekbed komt begin oktober al tevoorschijn, dus waarom wachten? Hop, naar het Griekse! Een vlucht naar Athene en een avontuurlijke autorit langs de Griekse kust brengt ons bij de vuurrode wanden van Leonidio. Het schilderachtige dorp wordt omringd door zuidelijk gelegen rotsen die de gehele dag in de zon liggen. Met een gemiddelde temperatuur van 25 graden geen optie voor deze zonmijdende klimmer. Beginnende klimmers zijn echter aangewezen, wat zeg ik, veroordeeld tot de zonnige sectoren als Rocspot, Orama, Hotrock en Théos Pillar. Dagelijks vermaak wordt als snel: Spot de gamba on the wall. Genietend van een wijntje op ons dakterras van Danesi House proberen we bakkende klimmers te spotten op de hete rode rots. “Yamas!”

Leonidio
Leonidio, omringd door red hot rocks
Relaxopoulos

Nu de zuidelijke wanden van onze to-do-list afvallen, blijven de schaduwrijke sectoren zoals Mars en Berliner Mauer over waar je respectievelijk vanaf 12:00 uur en 16:00 uur in de schaduw klimt. Een klimvakantie is hierdoor nog nooit zó lui geweest. Uitslapen, een uitgebreid ontbijt met verse Spanakopita, sterke espresso en oké dan, nog een aflevering West World.

Leonidio
Kleurrijk Leonidio
Volgegeten

Op een ochtend schrik ik wakker wanneer de voordeur klappert. Onze gastvrouw Maria heeft granaatappels en warme broodjes voor ons achtergelaten. Dit ritueel herhaalt zich nog een aantal keer, met granaatappels, citroenen en mandarijnen uit haar eigen tuin.  Volgegeten rijden we in onze gammele huur-Micra naar de klimgebieden om daar op het gemakje één of twee moeilijke routes te proberen. Rond zonsondergang rijden we terug naar Leonidio, dat voldoende opties biedt voor een relaxed ‘avondprogramma’. Het geijkte Pánjika is het centrale punt voor klimmers en biedt eten en veel informatie over het klimmen. Gezellig voor een drankje, maar van het hapje word ik niet enthousiast. De rest van de vakantie genieten we van de verse pasta’s en pizza’s in het knusse ‘En Leonidio‘ en de over the top lekkere (afhaal)gyros van de vele eetcafés.

Kaba
Dagelijkse boodschappen haal je bij Kaba
Fixed ropes

De valleien rondom Leonidio zijn adembenemend én ruig. Zo ook de approach naar de meeste sectoren: steil omhoog langs smalle grindpaadjes. “Goed dat mijn moeder dit niet weet“, wordt mijn nieuwe mantra. De topo waarschuwt bij sector Hada: “De routes zijn enkel via fixed ropes bereikbaar. Pas op, dit kan gevaarlijk zijn met kinderen en ongetrainde personen.” Nu ben ik geen kind  en ook niet ongetraind. Maar een leuke ervaring is het niet. We besluiten om zonder klimbagage op verkenning te gaan.

Leonidio
Behoedzaam via touwen naar de klimroutes – een beklimming op zich
Schuifelen

Een prachtige wandeling door een rivierbedding brengt ons na 20 minuten onder de imposante oranjerode wand van sector Hada. “Waar is dat fixed rope? “, vraag ik ongeduldig. Het blijken niet één maar twee fixed ropes. Behoedzaam schuifelen we één voor één naar boven via een touw naar een plateau op zo’n 5 meter hoogte. Daarna volgt het tweede touw over brokkelige rots naar de grot van Hada. Richard besluit bij het derde touw dat het genoeg is. “Als we hier langs willen, dan doen we dat veilig en gezekerd“. Wijs besluit.

Hada, Leonidio
Sector Hada: niet voor watjes
Inconsistent

Deze ervaring zet de toon voor de rest van de klimtrip. Zeer in tegenstelling tot, komt ie weer, Kalymnos, zijn de routes soms ruig en inconsistent behaakt. De eerste haak bevindt zich de ene keer op vier meter, de andere keer kun je vanaf de grond klippen. Je merkt duidelijk dat de sectoren door verschillende groepen klimmers zijn behaakt, met ieder hun eigen klimcultuur.  Zo hebben sommigen zich er wel héél gemakkelijk vanaf gemaakt met het ‘cleanen’ van de routes. Ook de rotskwaliteit is inconsistent en verschilt van bom proof, zoals in sector Elona, tot en met “helm op en bidden dat je boven komt“, zoals in sector Berliner Mauer. Niet verwonderlijk dat in een spiksplinternieuw gebied af en toe steentjes uitbreken. Er is immers voldoende traffic nodig om een route solide te krijgen. Maar persoonlijk had ik sommige sectoren helemaal niet behaakt vanwege de dubieuze rotskwaliteit…

Sector Elona
Geen zorgen mam, ik zit aan een touwtje
Knieverslinder

Op zo’n 20 minuten rijden van Leonidio, op 570 meter hoogte, ligt het Elona monastery. Een plaats waar Grieken kaarsen branden voor hun overleden dierbaren en op zondag de heilige mis volgen. Voor ons een plek om te genieten in tufa heaven. De range in routes loopt van 6c tot 8c+ en is daarmee één van rustige gebieden waar alleen de meest fanatieke sportklimmers komen. We besluiten één van de ‘gemakkelijke’ routes te klimmen: Kneebaropoulos (7a). “Grappige naam“, mompel ik naïef. Niet wetende dat de oranjegrijze overhang garant staat voor 25 meter kneebars, een techniek die ik voor Leonidio nog niet kende. De slimme klimmer komt voorbereid en neemt twee knee pads mee naar deze route. De naïeve klimmer stapt in Kneebaropolous met een korte broek en klemt net zo hard haar knieën achter de tufa’s. Met als resultaat: twee donkerpaarse bovenbenen met matching blauwe knietjes. Na een aantal pogingen lukt het Richard deze knieverslinder te bedwingen. Ik leg me neer bij een mooie toprope poging.

Elona, Leonidio
Kneebaropolous (7a)
Nice!

Richard zet vervolgens zijn zinnen op Diet Dope (7b), de donkerrode overhang die leidt van tufa naar tufa, randjes, verre zij- en ondergrepen. Twintig meter verzuring gegarandeerd. Richard klipt het eerste setje in wanneer twee Nederlanders argeloos de wand verkennen. “Dat is duidelijk een echte sportklimmer. Hangt relaxed in de wand. Wij boulderaars kunnen dat niet.” Ze blijven bewonderd kijken en wanneer Richard de ketting inklipt volgt een luidt applaus. “Nice!” Dat is zeker nice. Tof om op zo’n manier medelanders tegen te komen.

Diet Dope
Richard in Diet Dope (7b)
… Of niet te hoog?

Leonidio is een gebied dat tijd nodig heeft om te wennen. Na twee weken voelt het lieflijke dorp dankzij de vriendelijke locals en het rustige leeftempo als een tweede thuis. Daarentegen zijn de gebieden relatief klein en liggen ze versnipperd over verschillende valleien. Voor topprestaties op klimgebied, zoals ik die eerder in Margalef of Kalymnos behaalde, is Leonidio voor mij persoonlijk niet de plek. Nóg niet. Veel van het potentieel aan routes, zeker de routes vanaf 6c, is nog niet benut. Klimmers met een niveau tot 6b kunnen hier nu al hun hart ophalen. Ik gun het de hartelijke inwoners van Leonidio dat deze klimbestemming een vlucht neemt.

Facebooktwittergoogle_pluspinterestmailFacebooktwittergoogle_pluspinterestmail

Een gedachte over “Leonidio, het kleine dorp met het grote klimmershart”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe jouw reactie gegevens worden verwerkt.